De zoon van de houthakker

Altijd in gedachten dicht bij de Boeddha, de Dhamma en de Sangha. Altijd een geweldloos leven leidend en liefdevolle vriendelijkheid cultiverend. Degene die continu vreugde vindt in meditatie en altijd wakker is, dat is degene die het doel zal bereiken. Dat is de leerling die waar respect heeft getoond aan zijn Leraar.

Mediteren op de deugden van de Boeddha

296. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest is voortdurend, dag en nacht, geconcentreerd op de Boeddha.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca niccam Buddhagata sati

Zij zijn de Boeddha dag en nacht indachtig; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, die de deugden van hun Leraar dag en nacht indachtig zijn, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Mediteren op de deugden van de Dhamma

297. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest is voortdurend, dag en nacht, geconcentreerd op de Dhamma.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca niccam Dhammagata sati

Zij zijn de Dhamma dag en nacht indachtig; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, die de deugden van de Dhamma dag en nacht indachtig zijn, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Mediteren op de deugden van de Sangha

298. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest is voortdurend, dag en nacht, geconcentreerd op de Sangha.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca niccam Sanghagata sati

Zij zijn de Sangha dag en nacht indachtig; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, die de deugden van de Sangha dag en nacht indachtig zijn, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Mediteren op de ware aard van het lichaam

299. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest is voortdurend, dag en nacht, geconcentreerd op (de voorbijgaande aard van) het lichaam.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca niccam kayagata sati

De discipelen van de Boeddha, die de ware natuur van het lichaam dag en nacht indachtig zijn, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Zij zijn het lichaam dag en nacht indachtig; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, die de ware natuur van het lichaam dag en nacht indachtig zijn, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Mediteren op geweldloosheid

300. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest is voortdurend, dag en nacht, in de deugd van geweldloosheid.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca niccam ahimsaya rato mano

Zij vinden dag en nacht vreugde in geweldloosheid; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, wier gedachten dag en nacht vreugde vinden in geweldloosheid, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

De geest die vreugde vindt in meditatie

301. Goed ontwaakt, zijn de discipelen van Gotama altijd waakzaam. Hun geest verheugt zich, dag en nacht, in meditatie.

suppabuddham pabujjhanti sada Gotamasavaka yesam diva ca ratto ca bhavanaya rato mano

Met een geest die dag en nacht vreugde vindt in zelfontwikkeling; zijn discipelen staan op met volledige ontwaking.

De discipelen van de Boeddha, wier gedachten dag en nacht vreugde vinden in meditatie, staan altijd goed ontwaakt en met volledige controle over hun zintuigen, op.

Deze verzen sprak de Boeddha, toen hij in het Jetavana Klooster verbleef, met verwijzing naar de zoon van een houthakker.

Er ging eens in Rajagaha een houthakker met zijn zoon het bos in om wat brandhout voor het vuur te kappen. Toen zij 's avonds terugkeerden, stopten ze bij een begraafplaats om hun maal te nuttigen. Ze namen het juk van de twee ossen af om ze de gelegenheid te geven in de nabijheid te grazen. Echter, de twee ossen liepen weg, zonder dat de houthakker en zijn zoon het bemerkten. Toen ze beseften dat de ossen verdwenen waren, vertrok de houthakker onmiddellijk om ze te zoeken. Zijn zoon liet hij bij de kar met brandhout achter. De vader ging de stad in, op zoek naar zijn ossen. Toen hij naar zijn zoon terug wilde gaan, was het al laat geworden en de stadspoort was al gesloten. Daarom moest de jongen de nacht alleen doorbrengen onder de kar.

Hoewel de zoon van de houthakker nog jong was, was hij altijd indachtig, en hij contempleerde zoals gewoonlijk de unieke kwaliteiten van de Boeddha. Die nacht kwamen twee kwade geesten om hem angst aan te jagen en om hem te kwellen. Toen een van de kwade geesten aan het been van de jongen trok, schreeuwde hij uit: "Ik betuig eer aan de Boeddha!" (Namo Buddhassa). Toen de kwade geesten deze woorden hoorden, werden ze bang en zij voelden dat ze op de jongen moesten passen. Een van hen bleef bij de jongen en beschermde hem tegen alle gevaren; de ander ging naar het paleis van de koning en haalde het bord met voedsel van koning Bimbisara. De twee kwade geesten voedden de jongen alsof hij hun eigen zoon was. Op het paleis liet de kwade geest op de plaats van het koninklijke bord een geschreven boodschap achter; deze boodschap was alleen zichtbaar voor de koning.

's Ochtends ontdekte het personeel dat het bord met het koninklijke voedsel verdwenen was, en men was zowel erg verrast als geschrokken. De koning vond de boodschap die door de kwade geest achtergelaten was en wees zijn mensen waar zij moesten gaan zoeken. De mensen van de koning vonden het koninklijke bord tussen het brandhout in de wagen terug. Ook vonden ze de jongen die nog steeds onder de kar lag te slapen. Toen de jongen ondervraagd werd, antwoordde hij dat zijn ouders 's nachts naar hem toegekomen waren om hem te voeden, en dat hij, nadat hij z'n voedsel genuttigd had, weer tevreden en zonder angst was gaan slapen. Dat was alles wat de jongen wist. De koning liet de ouders van de jongen opsporen en bracht de jongen en zijn ouders naar de Boeddha. Intussen had de koning gehoord dat de jongen altijd de unieke kwaliteiten van de Boeddha indachtig was en ook dat hij had uitgeroepen: 'Namo Buddhassa!' toen de kwade geest hem die nacht aan zijn been had getrokken.

De koning vroeg aan de Boeddha: "Is indachtigheid van de unieke kwaliteiten van de Boeddha de enige Dhamma die iemand bescherming biedt tegen kwaad en gevaar, of is indachtigheid van de unieke kwaliteiten van de Dhamma net zo machtig en krachtig?" De Boeddha antwoordde hem: "O koning, mijn discipel! Er zijn zes dingen, waarvan de indachtigheid een goede bescherming biedt tegen kwaad en gevaar." Toen hield de Boeddha een toespraak met betrekking tot de zes verzen waar dit verhaal mee begon.

Aan het eind van de toespraak verwierven de jongen en zijn ouders de vruchten van sotapatti. Later sloten ze zich bij de Sangha aan werden tenslotte Arahats.

Uitleg vertaling vers 296

yesam diva ca ratto ca niccam Buddhagatasati Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam: als iemand; diva ca: gedurende de dag; ca ratto: en bij nacht; niccam: constant; Buddhagatasati: beoefent de Boeddha-indachtigheid; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Uitleg vertaling vers 297

yesam diva ca ratto ca niccam Dhammagata sati Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam: als iemand; diva ca: gedurende de dag; ca ratto: en bij nacht; niccam: constant; Dhammagata sati: beoefent de Dhamma-indachtigheid; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Uitleg vertaling vers 298

yesam diva ca ratto ca niccam Sanghagata sati Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam: als iemand; diva ca: gedurende de dag; ca ratto: en bij nacht; niccam: constant; Sanghagata sati: beoefent de Sangha-indachtigheid; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Uitleg vertaling vers 299

yesam diva ca ratto ca niccam kayagata sati Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam: als iemand; diva ca: gedurende de dag; ca ratto: en bij nacht; niccam: constant; kayagata sati: beoefent de meditatie met aanschouwing van de fysieke realiteit; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Uitleg vertaling vers 300

yesam mano diva ca ratto ca ahimsaya rato Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam mano: als iemands gedachten; diva ca: gedurende de dag; ca ratto: en bij nacht; ahimsaya: in geweldloosheid; rato: vreugde vinden; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Uitleg vertaling vers 301

yesam mano diva ca ratto ca bhavanaya rato Gotamasavaka sada suppabuddham pabujjhanti

yesam: als iemands; mano: gedachten; diva ca ratto ca: dag en nacht; bhavanaya: in meditatie; rato: vreugde vinden; Gotamasavaka: de discipelen van de Boeddha; sada: altijd; suppabuddham: goed ontwaakt; pabujjhanti: opstaan

Commentaar

buddhanussati bhavana: Mediteren op de deugden van de Boeddha. Deze meditatie is geschikt om door iedereen beoefend te worden, jong en oud. Het woord anussati betekent 'bespiegeling'. Daarom betekent buddhanussati bhavana: 'de meditatie die beoefend wordt terwijl men de deugden van de Boeddha bespiegelt'. Zie anussati.

dhamma nupassana bhavana: Dhamma nupassana is het vierde onderdeel van de satipatthana training.

ahimsaya rato: Positieve vreugde vinden in geweldloosheid, vreugde vinden in het cultiveren van liefdevolle vriendelijkheid. Een zeer speciale karaktertrek van de Leer van de Boeddha, is het kardinale uitgangspunt dat het noodzakelijk is vriendelijk te zijn ten opzichte van alle levende wezens. De beoefening van liefdevolle vriendelijkheid (metta), die geweldloosheid waarborgt, leeft onder boeddhisten op grote schaal.

Zie ook

Document info
RegID Dhp296-301
Bijgewerkt 18 november 2020 14:29:47
Auteur Peter van Loosbroek — Ananda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie voor gebruik van deze tekst www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Dhammapada 296; 297; 298; 299; 300; 301