Conditionering

Geen ballast meer verzamelen, maar allemaal van je afgooien.

Inhoudsopgave

Voorwoord

Waarom aandacht van cruciaal belang is

Betrokkenheid

Niet reageren maar ageren

De cruciale instructie van de Boeddha

Extra aanbevelingen

Voorwoord

Conditionering houdt in dat we door een bepaalde conditie, toestand of gebeurtenis, 'worden zoals die conditie, toestand of gebeurtenis' en/of die toestand handhaven, overnemen. Dan bewegen we die kant op. Waar iemand zich mee bezigt, daar buigt de geest naar af. Er zijn verschillende vormen van conditionering: in negatieve zin dat veel lijden teweegbrengt, maar ook in positieve zin. Maar elke vorm van conditionering moet uiteindelijk opgegeven worden. Waarom is dat zo? Omdat het geconditioneerde (sankhata) niet het ongeconditioneerde (asankhata) is.

Om een goede concentratie (samadhi) te kunnen ontwikkelen, moeten we bijvoorbeeld heilzame (kusala) dingen doen om goede mentale condities zoals vreugdevolle interesse (piti) te creëren om te kunnen vorderen op het meditatieve pad. De meditatieve verdiepingen (jhana) die daardoor verworven worden, zijn dus 'geconditioneerde toestanden'. Het zijn goede toestanden die we moeten ontwikkelen omdat we ze nodig hebben om te vorderen op ons pad naar volledige bevrijding. Meditatie (bhavana) betekent 'het in bestaan roepen, produceren', dus zijn deze toestanden geconditioneerd. Om vrij te zijn van alle conditionering, moeten we dus ook die verworvenheden uiteindelijk weer allemaal laten gaan, laten varen, verzaken (nekkhamma).

Waarover we het in dit artikel gaan hebben, is de conditionering die de negatieve kant op gaat en lijden (dukkha) creëert. Het positieve is dat we dat lijden — dankzij de instructies van een prachtig mens — voorgoed kunnen opheffen.

Verreweg de meeste mensen doen iets omdat ze 'dat altijd al zo gedaan hebben' of 'omdat een ander dat ook doet', of 'omdat anderen ook zo denken' of 'omdat dat de traditie is'. Het zijn niet alleen de fysiek handelingen die uit gewoonte overgenomen en in stand gehouden worden. In de boeddhistische training ligt het accent in het bijzonder op het mentale gebied waar allerlei mentale associaties in stand gehouden worden en die bepalend zijn van hoe we in elkaar steken.

In de wereld in en om ons heen, in de interne en de externe wereld, zijn er allerlei dingen waardoor we geconditioneerd worden, maar eigenlijk moet ik zeggen 'waardoor we ons laten conditioneren'.

Waarom aandacht van cruciaal belang is

Bewustzijn (viññana) is een proces waarbinnen een aantal cognitieve functies elkaar in razendsnel tempo opvolgingen. Binnen dit proces van bewustzijn (citta vithi) is aandacht (avajjana) de eerste fase en daarom allesbepalend hoe bewustzijn functioneert. Hoe eerder je bent afgeleid door een slechte concentratie (miccha samadhi) of door welke manier aandacht dan ook negatief beïnvloed of onderdrukt wordt, hoe slechter het bewustzijn ten positieve zal ontwikkelen en dus slechter zal functioneren.

Wanneer je slaapt met gewoonte- en gedachtepatronen, is dat geen intelligente houding, dat is niet de weg van en naar wijsheid (pañña). Wanneer je jezelf niet bespiegelt (sati) kan de geest niet onder controle worden gebracht, kan hij niet intelligent (viññu) worden waardoor hij steeds moeilijkheden zal blijven ondervinden. Het is aandacht waardoor we tot begrip komen. Daarom is aandacht schenken (avajjana) en jezelf bespiegelen (sati) dan ook van cruciaal belang. Altijd en overal bij alles wat je doet, zegt en denkt.

Opvolgende kernpagina's

'Wie de Dhamma ziet, ziet mij', zei de Boeddha. Maar hoe kun je de ware Dhamma zien tussen alles wat hierover geschreven is door mensen met uiteenlopende opvattingen? Leer op een eenvoudige en opbouwende manier het hart kennen van wat de Boeddha werkelijk heeft onderwezen. De kern van de boeddhistische Leer. Voor dit doel zijn speciale opvolgende kernpagina's gegroepeerd die te vinden zijn op De beëindiging van conditionering.

Betrokkenheid

Als je niet aandachtig bent, zullen de interne zintuigbases (oog, oor, neus, tong, lichaam en de geest) zich vastgrijpen aan de externe zintuigobjecten (beelden, geluiden, geuren, smaken, tastbare dingen en objecten van de geest). Dan laat je jezelf door allerlei omstandigheden en toestanden meeslepen met als gevolg een gebondenheid waardoor je niet vrij kunt zijn.

Wanneer je dingen ziet, geluiden hoort etc., dient er in zekere mate een betrokkenheid te zijn. Wanneer die betrokkenheid er niet is, is het namelijk niet mogelijk om het object te leren kennen (vijañana). We kunnen dan niet echt goed begrijpen (sampajañña) wat er zich op een bepaald moment afspeelt of wat er zich voordoet omdat we vanwege het vastgrijpen in beslag genomen zijn. Wanneer er echt begrijpen is daarentegen, zorgt het begrijpen zelf voor het loslaten, voor verzaking, voor bevrijding. Daarom is tijdens je meditatie het louter aandacht (avajjana) schenken, en niets meer dan dat, zo essentieel. Pas dan kunnen we van alle dingen en gebeurtenissen leren zodat we intelligente (viññu), wijze mensen worden.

Echter, binnen het proces van bewustzijn (citta vithi) volgen de fases van cognitieve opeenvolgingen zich dermate snel op, dat als we niet aandachtig genoeg zijn, de geest heel snel hecht (upadana) aan wat hij waarneemt (sañña) en zullen mentale associaties vanwege dat vastgrijpen, elkaar conditioneren. Dan propt de geest zich vol waardoor hij niet kalm en helder kan zijn. Hier zal Mara dan ook steeds meer ruimte krijgen wanneer geen of onvoldoende aandacht geschonken wordt om de staat van de geest (citta) indachtig te zijn (cittanupassana).

Met hebzucht (lobha), haat (dosa) en begoocheling (moha) als hun onheilzame hoofdwortels (mula) als hun basis, nemen de mentale associaties vanwege conditionering toe (papañca). Zo ontstaan allerlei mentale dingen, oftewel mentale fenomenen die elkaar a.h.w. voeden waardoor ze uitbreiden en toenemen, 'in het bestaan komen' en zich ontwikkelen in dezelfde lijn als hun onderliggende hoofdwortels. Zo wordt elke staat van de geest (citta) die continu verandert, geconditioneerd. De staat van de geest kan je zien als een moment van hoe de geest op dat moment is en uiteindelijk bijdraagt aan hoe hij evolueert en hoe hij dus uiteindelijk zal functioneren.

Betrokkenheid bij alles in en om ons heen, is dus belangrijk, maar als de aandacht te zwak is, raken we gehecht en kunnen we onmogelijk vrij zijn. Hechten (upadana) wordt geconditioneerd door begeerte (tanha) wat letterlijk 'het kleven van de geest aan mentale objecten' betekent. Zodoende heeft de geest de neiging om te kleven waardoor je niet vrij kunt zijn.

Gezien aandacht de eerste fase is binnen het cognitieve proces en dus zeer bepalend is welke kant het op gaat voor wat betreft de kwaliteit van het bewustzijn (zuiver of onzuiver), mag het duidelijk zijn waarom de Boeddha voortdurend zo met kracht heeft benadrukt om altijd indachtig te zijn[1]. Hij deed dit zelfs tot aan zijn allerlaatste uitademing.

Niet reageren maar ageren

Er gebeuren allerlei dingen om je heen, inclusief in je innerlijke wereld waar het wemelt van de diverse mentale associaties. Het reageren op die gebeurtenissen betekent dat je 'inhaakt' op die gebeurtenissen, dat je jezelf erdoor laat verleiden en 'op sleeptouw laat nemen'. Zo kun je door vele verschillende dingen en gebeurtenissen in beslag genomen worden.

Hoe sneller je aan je zintuiglijke (kama) indrukken (phassa) toegeeft (kamacchanda), hoe eerder je door dingen en gebeurtenissen aan banden komt te liggen (yoga), zowel intern als extern. Bewustzijn heeft de neiging om vast te grijpen vanwege geïntensiveerde verlangens die tot begeerte (tanha) leiden oftewel 'het kleven van de geest aan mentale objecten'. Dit leidt weer tot hechten (upadana). Hechten is 'een geïntensiveerde vorm van begeerte'.

Wat we moeten doen is niet reageren, maar ageren. Dan is de actie puur, wordt deze niet aangezet door iets, wordt de geest door niets beïnvloed en kan hij spontaan en echt zijn. Dit noemen we ook wel asankharika citta.

Sankhara betekent kortweg 'fenomenen', 'dingen'. Er zijn dingen in de wereld om je heen die je kunnen beïnvloeden en er zijn dingen in je innerlijke wereld (mentale associaties) die je kunnen beïnvloeden. Overal waar je op 'reageert' daar raak je in betrokken, en waar je in betrokken bent, dingen die je in beslag nemen, daar kun je niet vrij van zijn. Daarom, als je het goed doet, is er in meditatie slechts aandacht (avajjana) en verder niets. Reageren betekent in de kern dat er een vastgrijpen, een begeerte (tanha) is waardoor er een afhankelijkheid (nissito) ontstaat. Het doel is niet om afhankelijk te zijn, maar onafhankelijk (anissito) te zijn. Dat is de weg naar ware vrijheid (vimutti). Zo ook leert de Boeddha dat wij niet aan zijn Leer moeten hechten omdat er dan geen vrijheid is om dingen vrijelijk te onderzoeken en te ontdekken. De arahat die het doel — Nibbana — verworven heeft, hecht niet aan de Leer van de Boeddha, zijn Leraar. Hechten aan een dogma betekent dat er een vooraf ingenomen standpunt is (sasankharika citta) dat én beperkend werkt én zich beperkt tot een concept en daarom de ontwikkeling van waar inzicht (pativedha) in de weg staat. Zie De gelijkenis van het vlot.

De cruciale instructie van de Boeddha

De Boeddha heeft mensen altijd aangespoord om alles, inclusief zijn eigen Dhamma, kritisch te onderzoeken. Om wakker te worden uit een diepe mentale slaap en al het lijden te overwinnen, is indachtigheid (sati) en een diepgaand onderzoek (dhamma vicaya) naar alle dingen, pure noodzaak. Dit zijn de eerste voorwaarden om dit hele gebeuren, dit hele bestaan, door en door te begrijpen.

Een cruciale instructie van de Boeddha die hij herhaaldelijk in de satipatthana training geeft, is dan ook als volgt:

"(...) en hij verblijft (viharati) onafhankelijk (anissito) en grijpt zich nergens in de wereld aan vast."

D22 — Maha Satipatthana Sutta — De grote toespraak over de vier fundamenten van indachtigheid

Met zijn allerlaatste woorden benadrukte de Boeddha nogmaals dat het aandacht is wat ervoor nodig is voor de bevrijding van alle samengestelde dingen. Wat 'alle dingen zijn', is niet zomaar door iedereen direct te begrijpen; dit moet ontwikkeld worden. Dat begrijpen ontwikkelt zich als je de ware boeddhistische weg van meditatie (bhavana) bewandelt en je nooit ergens naar op zoek bent. Het is door aandacht (avajjana) te schenken dat we dingen kunnen zien en begrijpen zoals ze werkelijk zijn (yathabhuta).

Daarom benadrukte de Boeddha — zelfs nog op het allerlaatste moment toen hij in Kusinagar op zijn sterfbed lag — nogmaals en voor de laatste keer, dat we door indachtigheid (sati) voor onze bevrijding moeten zorgen. Hij gebruikte de allerlaatste mogelijkheid om zijn monniken aan te sporen, zo mededogend was hij en zo belangrijk zijn die woorden. En wat hij zegt impliceert ook dat de taak aan onszelf is. Gelukkig maar, anders zouden we afhankelijk (nissito) van iets of iemand zijn. Bevrijding of niet-bevrijding hebben wij gelukkig zelf in de hand.

Handa dani bhikkhave amantayami vo: vayadhamma sankhara, appamadena sampadetha.

Welnu, monniken, ik spoor jullie aan: alle samengestelde dingen moeten weer vergaan. Bewerkstellig vastbesloten door indachtigheid jullie eigen bevrijding.

D16 — Maha Parinibbana Sutta — Het grote heengaan

De Boeddha op sterven.

In bovenstaand citaat verwijst het Pali woord 'appamadena' naar appamada hetgeen letterlijk 'de afwezigheid van onoplettendheid' betekent (m.a.w.: oplettend zijn). Met zijn allerlaatste woorden spoorde hij de mensen nogmaals aan om indachtig/aandachtig te zijn. Zo belangrijk en cruciaal vond hij dat. Sati is niet de eerste factor van verlichting, d.w.z. dat de weg naar bevrijding met de ontwikkeling van die mentale factor daar aanvangt.

Indachtigheid is het kardinale startpunt voor alle goede dingen.

De tegenstelling van appamada is pamada, een van de bezoedelingen, zie upakkilesa.

Aandacht schenken aan (avajjana) oftewel het indachtig zijn (sati) en zintuiglijke toegeeflijkheid (kamacchanda) zijn de grootste tegenstellingen van elkaar en daarom uitermate belangrijke begrippen in de Leer van de Boeddha. Het maakt het grote verschil tussen bevrijding (vimutti) en aan banden liggen (yoga).

Lijden (dukkha) is een universeel kenmerk dat overal aanwezig is. Maar wat we goed moeten weten is, dat het niet de dingen zijn die ons doen lijden, maar het hechten (upadana) eraan. Daarom is aandacht schenken, goed indachtig (sati) zijn, altijd en overal van groot belang. Vrij zijn of niet vrij zijn hebben wijzelf in de hand.

Het vastgrijpen aan diverse dingen leidt tot worden (bhava) oftewel 'in het bestaan komen', tot lijden. Het overwinnen, het verzaken, het opgeven, het laten varen van diverse dingen leidt tot het ophouden van 'in het bestaan komen', tot het ophouden van lijden — Nibbana. Wat wil je: 'worden of zijn?'

Extra aanbevelingen

'Wie de Dhamma ziet, ziet mij', zei de Boeddha. Maar hoe kun je de ware Dhamma zien tussen alles wat hierover geschreven is door mensen met uiteenlopende opvattingen? Leer op een eenvoudige en opbouwende manier het hart kennen van wat de Boeddha werkelijk heeft onderwezen. De kern van de boeddhistische Leer. Voor dit doel zijn speciale opvolgende kernpagina's gegroepeerd die te vinden zijn op De beëindiging van conditionering.

Eindnoten

[1] Ga naar de hoofdpagina van de satipatthana training voor volledige instructies: Satipatthana — De meditatie van indachtigheid.

Document info
RegID 0ER4EP0xHHWoGrc
Bijgewerkt 26 januari 2024 20:48:19
Auteur Peter van Loosbroek — Ananda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Geen