Ga nu, en reis voor het geluk van velen

De Boeddha verkondigd voor het eerste de Leer in het Hertenpark. De eerste vijf monniken, die hem voorheen in de steek gelaten hadden omdat hij het extreme kluizenaarsleven vaarwel had gezegd, verwierven tijdens de tweede toespraak allemaal arahatschap, de hoogste graad van heiligheid. Vijfenvijftig anderen volgden op gelijke wijze. De boeddhistische Gemeenschap was geboren...

Na zijn verlichting bracht de Boeddha het regenseizoen (vassa) door in het Hertenpark bij Isipatana. In de eerste week van dat regenseizoen verkondigde de Boeddha zijn Leer aan de eerste vijf monniken[1] en predikte hij zijn eerste leerrede -- 'Het in Beweging zetten van het Wiel der Waarheid' (S56-011). Tijdens de eerste toespraak verwierf er ÚÚn leerling de eerste graad van heiligheid (sotapatti); tijdens de tweede toespraak[2] die de Boeddha kort daarop gaf, verwierven alle vijf de hoogste graad van heiligheid (arahatschap) en werden zodoende de eerste vijf arahat-leerlingen van de Boeddha. Voordat het regenseizoen voorbij was, volgden vijfenvijftig anderen op dezelfde wijze. En zo maakte de Verlichte de Dhamma bekend en zette hij het 'Machtige Wiel der Wet' in beweging. Met de bekendmaking van de Dhamma voor de eerste keer en met de bekering van de vijf asceten, werd het Hertenpark bij Isipatana (Sarnath) de geboorteplaats van de religie van de Boeddha en van de Sangha, de gemeenschap van monniken, de ingewijde discipelen.

De Boeddha sprak zijn discipelen, de volmaakten (arahats) toe, en zei: "Bevrijd ben ik, monniken, van alle banden, menselijke of goddelijke. Ook jullie zijn bevrijd van de banden (sa˝˝ojana), menselijke of goddelijke. Ga nu, en reis voor het welzijn en het geluk van velen, uit mededogen voor de wereld, voor de winst, het welzijn en het geluk van goden en mensen. Laat niet twee van jullie dezelfde richting opgaan. Verkondig de Dhamma welke uitstekend is in het begin, uitstekend is in het midden, uitstekend is aan het einde, betekenisvol is, letterlijk en volstrekt volmaakt. Verkondig het leven van zuiverheid, het heilige leven, volmaakt en puur. Er zijn wezens met weinig stof in hun ogen die verloren zullen zijn wanneer zij de Dhamma niet horen. Maar er zijn ook wezens die de Dhamma zullen begrijpen. Ik zal zelf naar Uruvela (Bodh Gaya) gaan, naar Senanigama om de Dhamma te onderwijzen."

Zo begon de Boeddha zijn verheven missie die hij tot aan het einde van zijn leven volhield. Met zijn discipelen liep hij over de hoofdwegen en binnenwegen van Jambudipa, het land van de Roos-Appel (een andere naam voor India) omgeven door de aura van zijn grenzeloze mededogen en wijsheid.

Eindnoten

[1] Zie discipelen, boeddha's eerste in het woordenboek voor meer informatie.

[2] De eerste toespraak is de Dhamma Cakka Ppavattana Sutta (S56-011); de tweede toespraak is de Anatta Lakkhana Sutta (S22-059).

RegID: Div058
Bijgewerkt op: 30 mei 2005
Auteur: Peter van Loosbroek - Ananda
Locatie: www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright: Zie voor gebruik van deze tekst www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overige informatie: Geen