De monnik die een olifantentemmer was geweest

Iedereen kan Nibbana bereiken. Wat er tegenover moet staan is discipline. Nibbana is niet een plaats waar men naar toegaat, maar een staat van de geest die men bereikt.

Alleen door ware discipline kan iemand de reis naar het Onbezochte Gebied maken; niet met een ander middel.

323. Iemand bereikt zeker niet op dit soort transport het Onbezochte Gebied zoals iemand dat doet die zichzelf goed beteugeld heeft, maar reeds reist vanwege het beteugelen.

nahi etehi yanehi gaccheyya agatam disam yatha'ttana sudantena danto dantena gacchati

Terwijl de Boeddha in het Jetavana Klooster verbleef, sprak hij dit vers, met verwijzing naar een monnik die voorheen een olifantentemmer was geweest.

Het gebeurde eens, dat enkele monniken een olifantentemmer en zijn olifant op de banken van de rivier de Aciravati zagen. Omdat de temmer het moeilijk vond om de olifant onder controle te krijgen, vertelde een van de monniken die voorheen ook een olifantentemmer was geweest aan de andere monniken, hoe het makkelijk voor elkaar te krijgen zou zijn. Toen de olifantentemmer hem dit hoorde zeggen, deed hij wat de monnik had gezegd en de olifant kwam snel tot bedaren.

Terug in het klooster, berichtten de monniken deze gebeurtenis aan de Boeddha. De Boeddha liet de ex-olifantentemmer (de monnik) bij zich roepen en zei: "O ijdele bhikkhu, die nog ver van magga en phala is! Jij hebt niets gewonnen door het temmen van olifanten. Er is niemand die de plaats kan bereiken waar iemand nog nooit geweest is (d.w.z. Nibbana) door het temmen van olifanten; alleen iemand die zichzelf getemd (beteugeld) heeft, kan daar komen!"

Uitleg vertaling vers 323

danto dantena sudantena attana agatam disam yatha gacchati etehi yanehi nahi gaccheyya

danto: de gedisciplineerde persoon; dantena: vanwege de discipline; sudantena: goed gedisciplineerd; attana: geest; agatam: niet gegaan voorheen; disam: regio; yatha: op zulk een manier; gacchati: gaat; etehi yanehi: zulke voertuigen; nahi gaccheyya: kunnen niet gaan

Commentaar

Boeddhisme is vrij van dwangmatigheid en bekeringsdrang

Het vers Dhp323 van de Dhammapada is typerend voor de houding van de Boeddha ten opzichte van zijn leerlingen en ten opzichte van de wereld in het algemeen. Hij stond erop dat iedereen zelf moest streven voor zijn eigen bevrijding.

De Boeddha stond afkeurend tegenover hen, die verklaarden dat zij geheime leren hadden, met de woorden: "Geheimzinnigheid is het kenmerk van verkeerde leerstellingen." Toen hij de Eerwaarde Ananda aansprak, zijn persoonlijke hulpmonnik, zei hij: "Maar, Ananda, wat verwacht de gemeenschap van monniken van mij nog meer? Ik heb de Dhamma onderwezen, Ananda, zonder enig onderscheid te maken tussen ingewijden en niet ingewijden; met betrekking tot de Leer, Ananda, heeft de Tathagata niet zoiets als een gesloten vuist van een leraar die iets achter houdt." D16 , vers 2.25.

De Boeddha verklaarde de Dhamma vrijelijk en gelijk aan iedereen. Hij hield niets terug, en wilde nooit van zijn leerlingen een blindelings en onderdanig geloof in hem of zijn Leer afdwingen. Hij stond erop dat z'n leerlingen een scherpzinnig onderzoek instelden en intelligente navraag deden. Hij was een heel open leraar. In een duidelijke bewoording moedigde hij tot kritisch onderzoek aan toen hij de vragende Kalama's aansprak in de Kalama Sutta A03-065 die ook wel terecht 'De Boeddha verleent het voorrecht tot vrij onderzoek' heet.

Hier een citaat uit de Kalama Sutta: "Kom, Kalama's. Vertrouw niet op datgene dat verworven is door het herhaaldelijk te horen; noch op traditie; noch op geruchten; noch op datgene dat in de geschriften staat; noch op vermoedens; noch op een onbewezen aanname; noch op een goed klinkende redenering; noch op een vooroordeel ten opzichte van een weloverwogen denkbeeld; noch op andermans schijnbare bekwaamheid; noch op de overweging: 'De monnik is onze leraar'.

Kalama's, als jullie voor jezelf weten: 'Deze dingen zijn slecht; deze dingen zijn afkeurenswaardig; deze dingen worden bekritiseerd door de wijzen; eenmaal opgevat en nageleefd, leiden deze dingen tot nadeel en ziekte', zie daar dan van af."

"Kom, Kalama's. Vertrouw niet op datgene (...) etc.

Kalama's, als jullie voor jezelf weten: 'Deze dingen zijn goed; deze dingen zijn niet afkeurenswaardig; deze dingen worden niet bekritiseerd door de wijzen; eenmaal opgevat en nageleefd, leiden deze dingen tot voordeel en geluk', pak deze dan op en houdt ze in stand."

Alles in blindelings vertrouwen aan te nemen, is niet de spirit van het boeddhisme. Zo treffen we deze dialoog tussen de Boeddha en zijn discipelen aan:

"Als jullie nu dit weten en hier bij blijven, zouden jullie dan zeggen: 'Wij eren onze Meester en uit respect voor hem respecteren wij datgene wat hij onderwijst?'"

"Nee, Eerwaarde."

"Dat wat jullie bekrachtigen, discipelen, is dat iets dat jullie door jezelf hebben herkend, gezien en begrepen?"

"Ja, Eerwaarde."

En in overeenstemming met deze door en door correcte houding van waar onderzoek, wordt gezegd in een boeddhistische verhandeling: "Zoals een goudsmid goud test door het te branden, door erin te snijden en het te schuren (op een toetssteen), zo zul jij mijn woorden pas accepteren na deze te hebben onderzocht, maar niet louter uit respect voor mij."

Boeddhisme is vrij van dwangmatigheid en bekeringsdrang en eist van de volger niet een blind geloof. Nog nooit in de geschiedenis heeft een boeddhistisch land anders denkenden aangevallen of vervolgd omdat een andere gedachtegang niet welkom was of niet gerespecteerd werd. Ook voor individuele boeddhisten is het uitermate ongepast om pogingen te doen anderen te bekeren. Er mag alleen mondjesmaat gewezen worden indien daar aanleiding voor is. Het willen bekeren van anderen is nergens anders aan te wijten dan aan de eigen begeerte; de Boeddha heeft begeerte aangewezen als hoofdoorzaak van lijden, het is een immorele factor van de geest... Vanaf het allereerste begin zal de scepticus aangenaam getroffen worden door haar roep tot een diepgaand onderzoek. Boeddhisme is, van het begin tot het einde, open voor iedereen die ogen heeft om te zien en een geest om te begrijpen.

RegID: Dhp323
Bijgewerkt op: 2 november 2005
Auteur: Peter van Loosbroek - Ananda
Locatie: www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright: Zie voor gebruik van deze tekst www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overige informatie: Dhammapada 323