Vasitthi, de waanzinnige vrouw

Hij, Gotama, onderwees mij uit sympathie de Dhamma.

Overmand met mentaal lijden vanwege mijn zoon,
naakt, gestoord,
mijn haren verward,
mijn geest niet goed in orde --
zo ging ik van hier naar daar,
levend langs de kant van de weg,
op begraafplaatsen en hopen afval.

Drie jaren lang was ik aangetast
door honger en dorst.

Toen zag ik de Tathagata
naar de stad Mithila gaan:

de beteugelaar van hen die onbeteugeld zijn,
zelf ontwaakt,
met niets te vrezen,
van niets, nergens.

Toen mijn geest weer in orde was
betuigde ik hem hulde
en zette mijzelf neer.

Hij, Gotama, onderwees mij uit sympathie
de Dhamma.

Toen ik zijn Dhamma hoorde,
ging ik het thuisloze leven in.

Ik legde mezelf toe op de woorden van de Meester,
en realiseerde de staat van de hoogste zegening.

Het mentale lijden was afgekapt,
opgegeven,
tot het einde gebracht,
want ik had de basis begrepen
waaruit mentaal lijden ontstaat.

RegID: Thig06-002
Bijgewerkt op: 18 juni 2005
Auteur: Peter van Loosbroek - Ananda
Locatie: www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright: Zie voor gebruik van deze tekst www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overige informatie: Geen