Boeddhisme — Kamma, heilzame en onheilzame wilshandelingen

Kamma

Het zijn wilshandelingen en hun samenhangende mentale factoren die wedergeboorte veroorzaken.

Kamma betekent 'handeling', maar om precies te zijn duidt het op heilzame en onheilzame wilshandelingen (kusala cetana en akusala cetana) en hun samenhangende mentale factoren die wedergeboorte veroorzaken en de bestemming van wezens bepalen. Niet elke willekeurige handeling is dus kamma.

Belangrijk

Om onze kennis over kamma echt zuiver te houden, moeten we rekening houden met het volgende. In het algemeen worden wilshandelingen kamma genoemd. De wil echter, is een algemene mentale factor. Deze wordt in Tabel II (en/of onder cetasika) weergegeven als één van de 5 primaire formaties als cetana. Onder de algemene formaties vallen ook 6 secundaire formaties. De morele kwaliteit van deze 11 formaties hangt af van of zij samengaan met een karmisch heilzame, onheilzame, of een neutrale staat van bewustzijn. Daarom is niet elke willekeurige handeling kamma.

Om datgene dat tot wedergeboorte leidt heel precies aan te duiden, gebruiken we de definitie kamma cetana wat letterlijk 'karmische wilshandelingen' betekent. Het synoniem dat hiervoor in de commentaren vaak wordt gebruikt is ayuhana hetgeen 'ophoping' betekent. Deze kennis is belangrijk bij de bestudering van de leer van het afhankelijk ontstaan (paticcasamuppada).

Het maken van kamma is het 'ophopen' of het 'genereren' van kamma formaties (zie ook kamma cetana).

Het is belangrijk te beseffen dat, zolang er kamma geproduceerd wordt, er wedergeboorte en dus lijden zal zijn, of dat in een aangename of in een onaangename sfeer is. Geboorte, hoe aangenaam dan ook, is niet zonder consequenties, want het veroorzaakt uiteindelijk lijden omdat er ouderdom, ziekte, dood, weeklagen, pijn, smart en wanhoop op volgt. Als wij gevoegd worden bij aangename dingen (bijvoorbeeld geboren worden in een hemelse sfeer), betekent ook dat uiteindelijk lijden, omdat we ook daar eens van gescheiden zullen worden vanwege de vergankelijke aard die elke bestaansvorm eigen is.

Karmische wilshandelingen (kamma cetana) manifesteren zich als heilzame en onheilzame handelingen via het lichaam (kaya kamma), de spraak (vaci kamma) en de geest (mano kamma). Zo is de betekenis van de boeddhistische term kamma zéker niet de manifestatie van de gevolgen van handelingen en zeker niet het noodlot van de mens, of misschien zelfs van hele volkeren (het zogenaamde massale of groepskarma) waarover in sommige delen van de wereld dwaalbegrippen verspreid zijn.

De Boeddha zei: "Wilshandelingen (cetana), monniken, is hetgeen dat ik kamma noem (cetanaham bhikkhave kammam vadami), omdat iemand door het te willen de handeling uitvoert met het lichaam, met de spraak, of met de geest. Er is kamma, monniken, dat in de hel rijpt, kamma dat in de dierenwereld rijpt, kamma dat in de mensenwereld rijpt en kamma dat in een hemelse wereld rijpt. Hoe dan ook, de vrucht van kamma is drieledig: dat wat tijdens dit leven rijpt (dittha dhamma vedaniya kamma), dat wat in het volgende leven rijpt (upapajja vedaniya kamma), en dat wat in latere levens rijpt (aparapariy vedaniya kamma)." A06-63.

De drie voorwaarden of wortels (mula) voor het ontstaan van onheilzaam kamma (wilshandeling) zijn: hebzucht (lobha), haat (dosa) en begoocheling (moha) (of onwetendheid).

De voorwaarden of wortels van heilzaam kamma zijn: onzelfzuchtigheid (alobha), zonder haat zijn (adosa) (liefdevolle vriendelijkheid, universele liefde, goodwill) en zonder begoocheling (amoha) (met wijsheid) zijn. Echter, bij heilzaam kamma is nog steeds minstens enige mate van begeerte en onwetendheid, want in de volledige afwezigheid ervan wordt geen kamma meer gemaakt.

"Begeerte is een voorwaarde voor het ontstaan van kamma; haat is een voorwaarde voor het ontstaan van kamma; begoocheling is een voorwaarde voor het ontstaan van kamma." A03-109.

"De onheilzame handelingen ontstaan door drie soorten en zijn geconditioneerd door begeerte, haat en begoocheling."

"Doden, stelen, onwettige seksuele gemeenschap, liegen, lasteren, harde woorden, onzinnig geklets; als dat in praktijk gebracht wordt, gehandhaafd wordt en vaak ontwikkeld wordt, leidt dit tot wedergeboorte in de hel, of onder de dieren of onder de geesten." A03-040.

"Hij, die moord en wreed is, gaat of naar de hel, of als hij als een mens wordt wedergeboren, zal hij kort leven. Hij, die anderen kwelt zal getroffen worden door ziekte. De boosaardige zal er lelijk uitzien, de afgunstige zal zonder invloed zijn, de gierige zal arm zijn, de halsstarrige zal van lage komaf zijn, wie lui van geest is zal zonder kennis zijn. In tegenstelling hiervan, zal een mens in een hemelse sfeer worden wedergeboren of worden wedergeboren als mens, hij zal lang leven, mooi zijn, invloedrijk zijn, van edele komaf zijn en kennis bezitten." M135.

Voor de tienvoudige heilzame en onheilzame koersen van handeling, zie kamma patha. Voor de vijf afschuwelijke misdaden met onmiddellijk gevolg, zie anantarika kamma.

"Student, wezens zijn eigenaren van hun daden (kamma), erfgenamen van hun daden; zij zijn gevormd door hun daden, zij zijn verbonden aan hun daden, zij hebben hun daden als hun thuisbasis. Het is door de daad waardoor wezens minderwaardig of voortreffelijk zijn." M135.

"Wezens zijn eigenaren van hun kamma, erfgenamen van hun kamma. Het kamma is de baarmoeder van waaruit zij worden geboren, hun kamma is hun vriend, hun toevlucht. Welk kamma zij ook produceren, goed of slecht, daarvan zijn zij de erfgenamen."

Een Arahat genereert geen kamma meer oftewel hij hoopt geen kamma formaties (kamma sankhara) meer op.

Zie ook

Document info
RegID leer-006-03-overigeDefinities
Bijgewerkt 17 februari 2021 05:21:48
Auteur Peter van Loosbroek — Ananda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Geen