Boeddhisme — De tien banden

Saññojana

Er zijn tien banden die wezens aan het bestaan binden.

Inhoudsopgave

Definitie

Banden 1 — 3

1 — Opvattingen over persoonlijkheid

2 — Sceptische twijfel

3 — Hechten aan regels en rituelen

Toelichting op banden 1 — 3

Banden 4 — 5

4 — Zintuiglijke hartstocht

5 — Kwade wil

Toelichting op banden 1 — 5

Banden 6 — 10

6 — Hartstocht naar de fijnstoffelijke sferen

7 — Hartstocht naar de onstoffelijke sferen

8 — Eigendunk

9 — Rusteloosheid

10 — Onwetendheid

Toelichting op banden 6 — 10

De vier stadia van heiligheid

Definitie

Saññojana betekent 'band'. Synoniem: samyojana. Er zijn tien banden die wezens aan het bestaan binden oftewel aan het rad van geboorte en dood. Zolang deze tien banden niet zijn doorgekapt, doolt een wezen in de oneindige cyclus van samsara van het ene leven naar het andere waardoor het gebonden blijft aan lijden.

Uit de Dhammapada.

031. De bhikkhu die vreugde vindt in waakzaamheid, die onachtzaamheid met afkeer beziet, maakt vorderingen en verteert net zoals het vuur, alle banden, grove en subtiele.

appamadarato bhikkhu pamade bhayadassi va saññojanam anum thulam daham aggi va gacchati

Zoals een brandend vuur, zo beweegt de oplettende monnik zich voorwaarts en vernietigt hij alle banden, grote en kleine.

Banden 1 — 3

1 — Opvattingen over persoonlijkheid

Sakkaya ditthi

Ideeën over een 'zelf', 'ego', 'ik', 'mijn', 'niet mijn', etc. 'Ditthi' betekent 'speculatieve opvatting', 'mening', 'er een bepaalde kijk op na houden'. De twee belangrijkste van deze categorie, zijn sassata ditthi en uccheda ditthi; de leer van eeuwigheid en de leer van vernietiging. Beide zijn in tegenstelling tot de boeddhistische gedachtegang.

Voor meer, zie Ditthi — Boeddhisme — Speculatieve opvattingen, bron van verkeerde en kwade aspiraties.

2 — Sceptische twijfel

Vicikiccha

Onzekerheid of verdeeldheid van geest. Vooral twijfelen aan de Boeddha, de Dhamma en de Sangha, en aarzelen om het Achtvoudige Pad te beoefenen. Wanneer de eerste band, die van sakkaya ditthi, ver genoeg is doorgekapt, zal men zich gaan trainen in het pad van moraliteit, concentratie en wijsheid.

3 — Hechten aan regels en rituelen

Silabbata paramasa

Het vastklampen aan (extreme) regels, rituelen, ceremonies en allerlei ander uiterlijk gedoe, komt voort uit een gebrek aan ware kennis. Echter, wanneer de tweede band voor het grootste gedeelte is doorgekapt en men begonnen is aan een gestage training, wordt de beoefenaar er steeds mee geconfronteerd dat het echte werk voor bevrijding vanuit het hart ontwikkeld moet worden. Hierdoor zal de nutteloosheid van ceremonieën en riten worden ingezien.

Toelichting op banden 1 — 3

Doordat de concentratie door middel van training van een hogere kwaliteit wordt, zal het hart meer tot in de kern van dingen doordringen waardoor men de ware aard van fenomenen duidelijker kan zien. Het is de helderheid van geest die op een gegeven moment bepalend is voor het doorkappen van de eerste drie banden. Tegelijkertijd verwerft men het 'pad van de in de stroom getredene' (sotapatti magga), samen met de vruchten of zegeningen (phala), het eerste stadium van heiligheid (waarin het licht van Nibbana gerealiseerd wordt). Op dat moment is de sotapatti geen wereldling (puthujjana) meer, maar bestemd om de verlichting te bereiken en wordt ten hoogste nog zeven maal in deze sfeer geboren. De sotapatti heeft een onwrikbaar vertrouwen in de Boeddha, de Dhamma en de Sangha en heeft een perfecte moraliteit aangaande de eerste vijf regels (pañca sila) van deugdzaam gedrag en kan daarom niet meer in de lagere werelden (apaya) van de zintuiglijke sfeer (kama loka) terugvallen. Bovendien brengt de helderheid van geest die door de sotapatti verworven is, zoveel inzicht met zich mee, dat de voltooiing van de training een noodzakelijkheid is. Voor deze persoon is er nog maar één richting: Nibbana.

Banden 4 — 5

4 — Zintuiglijke hartstocht

Kama raga

Gehechtheid aan de zinnelijke sfeer.

5 — Kwade wil

Vyapada

Kwade wil of haat wordt door gehechtheid gevoed, en gehechtheid door onwetendheid. De beoefenaar van het Achtvoudige Pad ziet hier nog gebreken en oefent vastbesloten door om ook deze banden door te kappen.

Toelichting op banden 1 — 5

Met het doorkappen van de 1e, 2e, en 3e band en het reduceren van de 4e en 5e band, verwerft men 'het pad van de eenmaal terugkerende' (sakadagami magga), het tweede stadium van heiligheid.

Deze eerste vijf banden worden de 'lagere banden' (orambhagiya samyojana) genoemd, omdat zij wezens nog aan de zintuiglijke wereld binden. Let op de 4e, 5e, en 10e band: hartstocht (kama raga), kwade wil (vyapada), en onwetendheid (avijja) zijn de drie belangrijkste factoren (hoofdwortels) die wezens aan het rad van geboorte en dood (samsara) binden. Hun synoniemen zijn: begeerte, hartstocht of hebzucht (lobha), haat (dosa) en begoocheling (moha); de drie 'wortels van het kwaad'. Wanneer wijsheid (pañña) volledig ontwikkeld is, is bevrijding een feit. Vrij zijn van onwetendheid is wijsheid, maar bij de overwinning van de 4e en 5e band bestaan er in lichte en subtiele mate nog banden van hechten, en is volledige verlichting nog niet helemaal een feit.

Wanneer de eerste vijf banden volledig doorbroken zijn, verwerft men 'het pad van de niet meer terugkerende' (anagami magga), het derde stadium van heiligheid. Indien hij het laatste stadium, dat van Arahatschap, in dit leven niet bereikt, wordt de anagami na de dood geboren in de fijnstoffelijke wereld, in de hoogste groep deva's, de Suddhavasa Deva's. De laatste vijf banden die de anagami nog moet doorkappen om de perfecte staat te bereiken, zijn:

Banden 6 — 10

6 — Hartstocht naar de fijnstoffelijke sferen

Rupa raga

Het verlangen om wedergeboren te worden in de hogere goddelijke sferen. Zie avacara.

7 — Hartstocht naar de onstoffelijke sferen

Arupa raga

Het verlangen om wedergeboren te worden in de onstoffelijke sferen. Zie avacara.

8 — Eigendunk

Mana

Zie daar.

9 — Rusteloosheid

Uddhacca

Zie daar.

10 — Onwetendheid

Avijja

Daar onwetendheid de factor is die alle bezoedelingen (kilesa) ondersteunt, is deze het laatste krachtige element dat wezens aan het rad van geboorte en dood bindt, het proces van worden (kamma bhava). Onwetendheid is: vergankelijke dingen zien als zijnde onvergankelijke dingen; onbevredigende dingen zien als zijnde bevredigende dingen; onwezenlijke dingen zien als zijnde wezenlijke, stabiele dingen.

Voor meer, zie Satipatthana — Boeddhisme — Verdraaiingen en wedergeboorte.

Toelichting op banden 6 — 10

Beoefening van het gehele Achtvoudige Pad waarborgt volledige uitroeiing van onwetendheid, en brengt wijsheid voort. Wijsheid is de bevrijdende factor zodat dingen in hun ware perspectief worden gezien. Wanneer de anagami ook deze vijf laatste banden heeft doorgekapt, verwerft hij 'het pad van de perfecte' (arahatta magga), en realiseert hij de ongeconditioneerde staat van de geest, Nibbana. De persoon die deze staat heeft bereikt is een Arahat en is onder andere vrij van de acht wisselvalligheden die met het leven verbonden zijn, namelijk: winst en verlies, succes en verslagenheid, hulde en blaam, vreugde en ellende. Hem wacht geen wedergeboorte meer omdat hij de ongeconditioneerde staat (asankhata) heeft bereikt en dus geen brandstof meer geeft aan de vijf aggregaten (pañca upadana kkhandha). Zoals een pluisje door een krachtige wind van een handpalm geblazen wordt, zo heeft de Arahat met de subtielste vormen van 'ik', 'mij', 'zelf', 'ziel', of wat dan ook, volledig afgerekend. Hij is niet langer een beoefenaar van het Achtvoudige Pad, maar een belichaming ervan.

De banden 6 t/m 10 zijn de 'hogere banden' (uddhambhagiya samyojana), omdat zij wezens binden aan de fijnstoffelijke (rupavacara) en de onstoffelijke wereld (arupavacara). Dit betekent dat er nog subtiele vormen van hechten zijn.

De vier stadia van heiligheid

De edele personen:

Sotapatti: degene die vrij is van de banden 1 t/m 3 is een sotapatti, oftewel 'de in de stroom getredene', dat wil zeggen: iemand die tot zover de stroom naar Nibbana is ingegaan oftewel 'het licht van Nibbana gezien heeft'. De sotapatti is absoluut bestemd voor verlichting en kan dat doel niet meer missen. Deze heeft de eerste meditatieve verdieping (jhana) verworven.

Sakadagami: hij, die de 4e en de 5e band grotendeels overwonnen heeft (maar nog niet helemaal), is een sakadagami, 'de eenmaal terugkerende' (naar de zintuiglijke wereld). Hier is de tweede meditatieve verdieping (jhana) verworven.

Anagami: hij die ook de 4e en 5e band volledig vernietigd heeft is een anagami, oftewel 'de niet meer terugkerende' (naar de zintuiglijke wereld). De derde meditatieve verdieping (jhana) is verworven.

Arahat: hij die bevrijd is van alle tien de boeien/bezoedelingen wordt een Arahat genoemd, dat wil zeggen: een Perfecte Heilige. De Arahat heeft alle acht de jhana's verworven. De Boeddha onderwijst acht jhana's, maar doorgaans wordt gesproken over vier jhana's omdat de laatste vier van heel subtiele aard zijn. In de Abhidhamma wordt zelfs gesproken over de negende jhana met verwijzing naar Nibbana.

De vier stadia van heiligheid worden ook wel de vier paden genoemd. De zegeningen of vruchten (phala) die voortkomen uit de verwezenlijking van een pad (magga), vormen — samen met dat pad — een paar. Tezamen vormen zij 'de acht personen' of 'de vier paren'.

Tip

Het is belangrijk het verband te begrijpen tussen de 10 banden en de vier stadia oftewel graden van heiligheid. Voor meer, zie Ariya puggala — Boeddhisme — Edele personen.

Zie ook

Document info
RegID leer-006-06-overigeDefinities
Bijgewerkt 9 februari 2021 02:38:03
Auteur Peter van Loosbroek — Ananda
Locatie www.sleuteltotinzicht.nl
Copyright Zie a.u.b. copyright www.sleuteltotinzicht.nl/glb_copyright.htm
Overig Geen