Tweelingverzen

Yamaka vagga

Hoofdstuk 1 Naar de Hoofdpagina van de Dhammapada.
Dhammapada 1-20

Lijden achtervolgt hem die kwaad doet, net zoals het wiel de hoef van de os volgt die de kar trekt.

001. De geest is de voorloper van alle dingen, de geest is hun leider, ze zijn door de geest geschapen. Als iemand spreekt of handelt met onzuivere gedachten, volgt lijden dat daardoor is veroorzaakt, zoals het wiel de hoef van de os volgt.

manopubbangama dhamma manosettha manomaya manasa ce padutthena bhasati va karoti va tato nam dukkhamanveti cakkam'va vahato padam

Geluk volgt hem die goed doet, net zoals een schaduw iemand nooit verlaat.

002. De geest is de voorloper van alle dingen, de geest is hun leider, ze zijn door de geest geschapen. Als iemand spreekt of handelt met zuivere gedachten, volgt geluk dat daardoor is veroorzaakt, zoals iemands schaduw die hem nooit verlaat.

manopubbangama dhamma manosettha manomaya manasa ce pasannena bhasati va karoti va tato nam sukhamanveti chaya'va anapayini

De haat van hen die steeds piekeren over het kwaad dat hen is aangedaan, blijft groeien.

003. Wie vijandigheid in zich draagt zoals: 'Hij heeft mij beledigd en geslagen, hij heeft mij verslagen en beroofd.' In hen waarin zulke gedachten steeds terugkeren, verdwijnt haat nooit.

akkocchi mam, avadhi mam, ajini mam ahasi me ye tam upanayhanti veram tesam na sammati

Zij die niet piekeren over het kwaad dat hen is aangedaan, worden kalm.

004. Wie geen vijandigheid in zich draagt zoals: 'Hij heeft mij beledigd en geslagen, hij heeft mij verslagen en beroofd.' In hen waarin zulke gedachten niet terugkeren, verdwijnt haat.

akkocchi mam avadhi man ajini mam ahasi me ye tam na upanayhanti veram tesupasammati

Haat wordt nooit overwonnen door te haten. Alleen niet-haat (liefdevolle vriendelijkheid) overwint haat.

005. In deze wereld wordt haat nooit door haat overwonnen; haat wordt overwonnen door vriendschap. Dit is een tijdloze wijsheid.

na hi verena verani sammantidha kudacanam averena ca sammanti esa dhammo sanantano

Velen beseffen niet dat het leven eindigt in de dood. Het overdenken van de dood voorkomt geruzie.

006. Anderen in deze wereld begrijpen niet dat wij allemaal eens moeten sterven, maar van hen die dat begrijpen neemt het geruzie af.

pare ca na vijananti mayamettha yamamase ye ca tattha vijananti tato sammanti medhaga

De dood overmant de zintuiglijke, ongedisciplineerde en vraatzuchtige zoals de wind een zwakke boom omver trekt.

subhanupassim viharantam indriyesu asamvutam bhojanamhi amattannum kusitam hinaviriyam tam ve pasahati maro vato rukkham'va dubbalam

Zij die verblijven bij het aantrekkelijke van de zintuiglijke geneugten, die leven met de zintuigen onbewaakt en geen matiging kennen in eten, zijn futloos en lui als het op doorzettingsvermogen en wilskracht aankomt. Emoties overweldigen zulk een persoon net zo makkelijk zoals de wind een zwakke boom overweldigt.

Meer lezen...

De dood overmant de standvastige denker niet, zoals ook de wind een sterke rots niet doet bewegen.

asubhanupassim viharantam indriyesu susamvutam bhojanamhi ca mattannum saddham araddha viriyam tam ve nappasahati maro vato selam'va pabbatam

Zij die verblijven bij het onaantrekkelijke van de zintuiglijke geneugten en leven met de zintuigen bewaakt en matiging kennen in eten, zij zijn toegewijd aan de Leer en volhardend in methodische beoefening. Zulke personen worden niet door emoties overweldigd zoals een grote rots ook niet door de wind wordt bewogen.

Meer lezen...

Zij die besmet zijn, die ongecontroleerd en verstoken zijn van waarheidliefde, verdienen het gewaad niet.

009. Iemand die het geverfde gewaad draagt, die ongezuiverd is van bezoedelingen, geen controle over zijn emoties heeft en zich de realiteit niet gewaar is, is het geverfde gewaad niet waardig.

anikkasavo kasavam yo vattham paridahessati apeto damasaccena na so kasavamarahati

De onbezoedelden, sterk in moreel gedrag, gedisciplineerd en waarheidlievend, zij zijn het die het geverfde gewaad waardig zijn.

010. Maar hij die gezuiverd is van smetten, zichzelf stevig tot moreel gedrag zet, die rustig is, controle over zijn emoties heeft en zich de realiteit gewaar is, is het geverfde gewaad zeker waardig.

yo ca vantakasavassa silesu susamahito upeto damasaccena sa ve kasavamarahati

Zij die het niet waardevolle opvatten als het waardevolle en het waardevolle als het niet waardevolle, bereiken, misleid als zij zijn, het waardevolle niet.

011. Dat wat geen waarde heeft wordt gezien als waardevol, en wat waarde heeft wordt gezien als zonder waarde. Door het in standhouden van verkeerde aspiraties, bereiken zij nooit datgene wat waardevol is.

asare saramatino sare ca saradassino te saram nadhigacchanti miccha sankappagocara

Door het waardevolle te beschouwen als het waardevolle, het niet waardevolle als het niet waardevolle, zijn zij correct geleid en bereiken zij het ware.

012. Dat wat waarde heeft herkennen zij als waardevol en het niet waardevolle als het niet waardevolle. Door het in standhouden van de juiste aspiraties, bereiken zij datgene wat waardevol is.

saram ca sarato natva asaram ca asarato te saram adhigacchanti samma sankappa gocara

Hartstocht doordringt de onontwikkelde en ongecultiveerde geest zoals de regen een slecht gedekt dak doordringt.

013. Zoals de regen door een slecht gedekte woning dringt, zo dringt hartstocht door in een slecht ontwikkelde geest.

yatha garam ducchannam vutthi samativijjhati evam abhavitam cittam rago samativijjati

Hartstocht doordringt niet de ontwikkelde en gecultiveerde geest zoals de regen een goed gedekt dak niet doordringt.

014. Zoals de regen nooit door een goed gedekte woning dringt, zo dringt hartstocht nooit door in een goed ontwikkelde geest.

yatha garam succhannam vutthi na samativijjhati evam subhavitam cittam rago na samativijjhati

Wanneer hij zijn eigen onzuivere wilshandelingen ziet is de kwaaddoener aangetast, hier en in het hiernamaals.

015. Hier lijdt iemand en in het hiernamaals lijdt iemand; op beide manieren lijdt degene die kwaad doet. Iemand lijdt en wordt gekweld wanneer hij zijn eigen onzuivere wilshandelingen ziet.

idha socati pecca socati papakari ubhayattha socati so socati so viha˝˝ati disva kammakilittham attano

Het verhaal van Cundasukarika bevestigt de uitspraak van het eerste vers van de Dhammapada (Dhp001), namelijk dat kwaad alleen maar kwaad voortbrengt vanwege de gevolgen. Ook dat sommige van de gevolgen van kwade daden in dit huidige leven ondervonden worden.

Meer lezen...

Doordat de verrichter van goede daden de goedheid van zijn daden ziet, is hij gelukkig in beide werelden.

016. Hier is iemand gelukkig en in het hiernamaals is iemand gelukkig; op beide manieren is degene die goed doet gelukkig. Iemand is gelukkig en verheugt zich wanneer hij zijn eigen zuivere wilshandelingen ziet.

idha modati pecca modati katapu˝˝o ubhayattha modati so modati so pamodati disva kammavisuddhimattano

De kwaaddoener lijdt in deze wereld en in het leven na de dood, en nog veel meer wanneer hij in een ellendige sfeer wordt geboren.

017. Hier brandt iemand en in het hiernamaals brandt iemand; op beide manieren brandt degene die kwaad doet. Berouwvol brandt iemand: 'ik heb kwaad begaan', en nog meer brandt iemand nadat hij naar een ellendige sfeer is gegaan.

idha tappati pecca tappati papakari ubhayattha tappati papam me katan'ti tappati bhiyyo tappati duggatim gato

De verrichter van goede daden is gelukkig in deze wereld en in het leven hierna. Nog gelukkiger is hij als hij in een zegenrijke sfeer is wedergeboren.

018. Hier is iemand gelukkig en in het hiernamaals is iemand gelukkig; op beide manieren verheugt zich degene die goed doet. Sereen is hij: 'verdiensten heb ik verricht', en nog meer verheugt hij zich nadat hij naar een zegenrijke sfeer is gegaan.

idha nandati pecca nandati katapu˝˝o ubhayattha nandati pu˝˝am me katan'ti nandati bhiyyo nandati suggatim gato

De Dhamma reciteren zonder de Dhamma te beoefenen, is zonder resultaten. Het is zoals het tellen van het vee dat van iemand anders is.

019. Hoewel hij vele heilige teksten reciteert, is de onachtzame geen beoefenaar. Hij is zoals een koeienherder die de koeien van een ander telt. In het monnikschap heeft hij geen enkel aandeel.

bahumpi ce sahitam bhasamano na takkaro hoti naro pamatto gopo'va gavo ganayam paresam na bhagava sama˝˝asa hoti

Beoefening van de Dhamma, al is het zonder veel te reciteren, maar volledig ongehecht, dat is waarmee iemand zich voor het monnikschap kwalificeert.

020. Hoewel hij weinig teksten reciteert, maar zijn oefening in Dhamma voortzet, als hij vrij van hartstocht, haat en onwetendheid is, wijsheid geperfectioneerd heeft, en in de geest goed bevrijd is, dan heeft hij zeker aandeel in het monnikschap.

appam pi ce sahitam bhasamano dhammassa hoti anudhammacari ragam ca dosam ca pahaya moham sammappajano suvimuttacitto anupadiyano idha va huram va sa bhagava sama˝˝assa hoti